Terug naar Dakar

Sinds enkele dagen ben ik weer redelijk mobiel, met een kruk weliswaar, maar toch de combinatie van kruk en auto brengt me waar ik wil zijn.

Het was wel even wennen, eerst met twee krukken ploeteren en later met een. Met twee krukken kan je weinig, om een beker koffie te maken heb je nu eenmaal twee handen nodig. Met een klein rugzakje kon ik in huis het meeste wel vervoeren, maar toch, je kunt beter niet je heup breken, het geeft een heel gedoe.

De buitentrap van de eerste etage naar de begane grond was al snel genomen, na een paar weken maakte ik ook mijn eerste uitstapjes. 

Met één kruk ben ik nu redelijk mobiel, kan ik zelf koffie maken en ben ik minder afhankelijk van mijn huisgenoten.

Vanaf mijn overdekte terras op de eerste etage heb ik een prima uitzicht op de bedrijvigheid in de straat. Spelende apen, balkende ezels en een paar kleine schaapskuddes passeren samen met auto’s en ezelskarren dagelijks mijn terras.

Kleurrijk geklede vrouwen met lange jurken en hoofdtooien in een bijpassende kleur blijven altijd het straatbeeld hier domineren. Hoe arm men ook hier is, men gaat goed gekleed.

Onder ons woont een Gambiaanse kinderrijke familie. Het duurde ook niet lang voor de kinderen het fitnessapparaat op ons terras ontdekten. Ik zit nooit alleen buiten de schooltijden.

Goed opgevoede kinderen, eerst geven ze me een hand, waarna ze, overigens zonder succes, het fitnessapparaat proberen te verwoesten.

De scholen zijn ook hier weer begonnen en het regenseizoen loopt gelukkig ten einde. Het was dit jaar bar en boos, sinds mensenheugenis heeft het hier niet meer zo geregend. Het leek af en toe wel alsof er een blusvliegtuig overkwam. 1000 liter per vierkante meter en waarschijnlijk meer viel er dit natte seizoen. De meeste wegen zijn niet verhard en staan vol met plassen water. Nog even en het groen verdwijnt langs de wegen, om straks in juli weer na de eerste regenbui haar kop weer uitbundig boven het zand uit te steken. De bomen blijven groen, op de baobab na. 

Oktober is nog een beetje half nat, half droog en benauwd, maar daarna komen er een paar maanden heerlijk weer, zonder regen. De toeristen komen dan in grote getale naar Gambia. 

De poederwitte zonnige en vooral rustige palmenstranden zijn wat mij betreft beter dan het sombere kille weer in Nederland. Maar goed ieder z’n meug, uitwaaien op Scheveningen haalt het voor mij niet bij het wandelen langs de schitterende kust van de oceaan.

Op 1 januari kan je hier trouwens ook prima een nieuwjaarsduik houden, daarvoor hoef je ook niet in Scheveningen te zijn. Unox deelt ook hier erwtensoep en duik bewijzen uit!

Nico junior werd op 1 oktober 7 maanden jong, de kop van zijn leven is er vanaf, hij heeft hopelijk nog heel lang te gaan.

Hij doet het prima, is zindelijk van ontlasting en gebruikt gebarentaal, om te groeten en te spelen. Als er iets is wat hem niet zint, solliciteert hij voor sirene op een brandweerwagen.

Ons huis is drempelvrij, met zijn loopauto maakt hij het op een voor hem passende wijze onveilig. Het is koddig om te zien hoe hij zich aan vanalles en nog wat omhoog trekt, alleen het weer gaan zitten kost hem nog moeite, hij stort zich telkens ter aarde, Hij leert het wel, het gaat snel, veel te snel. 

Ondertussen ben ik aan het plannen om weer naar Dakar te gaan, een heel gedoe vanwege mijn nog mogelijke immobiliteit over een paar weken. Alles is geregeld, vervoer, hotel en niet op de laatste plaats toegang tot de gevangenis. Ik kijk er naar uit om de Nederlandse gedetineerden weer te ontmoeten. Zij zijn mijn helden in de gevangenis, die niet voor niets de bijnaam “Hel van Dakar” draagt.

Terug naar Dakar dus, maar deze keer niet liggend, maar staande, een hele verbetering.

Naar croissants au beurre, café au lait en al die lekkere dingen die de Frans/Afrikaanse keuken rijk is.

Nog even geduld, over drie weken is het zover!